Overslaan naar inhoud

Waarom jagers vaak "onder" schieten met een hagelwapen

15 oktober 2025 in
Waarom jagers vaak "onder" schieten met een hagelwapen
Huntingpractice, Michael De Bock

Waarom Jagers vaak "onder" schieten met een hagelwapen

Veel jagers merken bij het gebruik van een hagelgeweer dat ze vaak "onder" het wild schieten. Vooral bij snel opvliegend of wegrennend wild, zoals fazanten, patrijzen of houtduiven, is dit een veelvoorkomende fout. In dit artikel leggen we uit waar deze neiging vandaan komt en hoe je je techniek kunt verbeteren voor een trefzekerder schot in het veld.

Foutieve kijklijn: je kijkt over de loop heen

Een hagelgeweer is uitgerust met een rib en een korrel, maar het is geen vizierwapen. De kijklijn moet perfect aansluiten bij de lijn van de loop. Wanneer je je hoofd te hoog houdt of niet goed op de kolf ligt, kijk je feitelijk over de loop heen. Hierdoor wijst de loop fysiek te laag, met als gevolg dat je onder het wild schiet.

Oplossing: Zorg voor een consistente hoofdpositie op de kolf ("cheekweld"). Je moet net de rib als een dun lijntje zien. Overweeg een verstelbare kam als je merkt dat je herhaaldelijk verkeerd ligt.

Onvoldoende doorzwaaien tijdens het richten

Veel schutters stoppen hun beweging net voor het schot. Dit gebeurt vaak onbewust: je wil "mikken" in plaats van volgen. Bij bewegend wild, vooral bij vogels die wegvliegen, resulteert dit in een schot dat te laag (en vaak ook te ver naar achter) terechtkomt.

Oplossing: Gebruik de "swing-through" techniek. Begin achter het wild, zwaai er doorheen met het wapen en haal de trekker over terwijl je blijft bewegen. Stop nooit abrupt voor het schot.

Verkeerde kolfpassing

Een kolf die niet goed past, kan ervoor zorgen dat je automatisch te laag (of te hoog) richt. Als de kam van de kolf te laag is, ligt je oog onder de juiste kijklijn en schiet je structureel onder.

Oplossing: Laat je hagelgeweer professioneel passen bij een wapensmid of instructeur. Een goed passende kolf maakt een wereld van verschil in herhaalbaarheid en nauwkeurigheid.

Te veel focussen op de korrel

In tegenstelling tot precisieschieten met een geweer, moet je bij hagel niet mikken op de korrel, maar volledig op het doel focussen. Te veel aandacht voor de korrel leidt ertoe dat je het wapen als een vizier gebruikt, en daardoor te laag mikt bij bewegende doelen.

Oplossing: Focus met beide ogen op het wild en laat het wapen natuurlijk volgen. De beweging moet instinctief zijn, niet geforceerd.

Verkeerde inschatting van het vluchtpatroon

Wild dat opvliegt, stijgt vaak sneller dan je denkt. Als je recht op het dier mikt, zonder voldoende overhoogte, gaat je patroon eronderdoor.

Oplossing: Leer anticiperen op het stijg- of renpatroon van het wild. Oefen met kleiduiven op verschillende hoogtes en hoeken om gevoel te krijgen voor de benodigde "lead" en overhoogte.

Het schieten met een hagelwapen is geen kwestie van precies richten, maar van vloeiend volgen, techniek, en een goed passende uitrusting. Als je merkt dat je vaak onder schiet, kijk dan kritisch naar je hoofdpositie, je zwaai, en de passing van je kolf. Kleine aanpassingen kunnen een groot verschil maken in het veld.

Huntingpractice tip: Laat eens een ervaren instructeur meekijken tijdens een sessie kleiduifschieten. Vaak ziet een ander direct waar het misgaat, en kun je met gerichte feedback je schietgedrag snel verbeteren.

 

Wil je meer weten over kolfaanpassingen, trainingsopstellingen of hagelpatronen? Neem contact met ons op of lees verder in onze serie over schiettechniek bij de jacht.